Browsed by
Category: De eerste jaren

Winter winactie!

Winter winactie!

Winter-winactie

We zitten weer volop in de koude dagen. Voor mij zijn dit nu nog de leuke koude dagen. Sinterklaas, kerstmis en oud en nieuw, overal lichtjes en lampjes en de mensen lijken ook gewoon een klein beetje vrolijker en liever tegen elkaar.

Overal zijn ook leuke dingen te doen, de tuincentra hebben vaak mooie kerstdisplays en in veel winkelcentra zijn levende kerststallen te vinden. Gezellig de stad in voor de laatste kerstinkopen en dan ergens warme chocolademelk met slagroom drinken! Heerlijk vind ik dat allemaal. (In ieder geval tot ik in de stad ben en heel Utrecht hetzelfde idee had en je nergens fatsoenlijk kunt lopen, maar goed….)

20151210_111310

Het hoogtepunt is voor mij toch wel kerstmis. Lekker eten, cadeautjes onder de boom en gezellig samenzijn met familie en vrienden. Ik ben erg benieuwd hoe Max dit jaar gaat reageren op alles. Tot nu toe is hij erg onder de indruk van alles en vooral de grote kerstboom is favoriet. Stiekem probeert hij er wel het een en ander uit te plukken maar meestal blijft hij er redelijk goed vanaf. Het eerste wat hij vraagt als we ’s ochtends beneden komen is: kerstboom aan?

Voor mij begint de ellende meestal pas in januari, nog 3 donkere en koude maanden voor de boeg en het leuke deel van de winter zit er al weer op. Nee wat mij betreft zouden we januari tot en met maart wel over mogen slaan!

Ondanks het koude weer probeer ik toch elke dag wel even naar buiten te gaan met Max. Lekker warm ingepakt met muts en sjaal toch er op uit om te kijken bij de schaapjes of om even wat boodschappen te gaan halen.

En omdat je nooit genoeg sjaals en mutsen kunt hebben met deze kou (Max heeft inmiddels 3 van deze sets) maak je nu kans op een gebreide muts en sjaal in een kleur naar keuze!

20161216_092709

 

Wat moet je doen om deze leuke set te winnen:

  • Laat hieronder een berichtje achter voor wie je graag deze set wilt winnen, of je een baby (0-1 jaar) of peutermaat (1-3 jaar) wil winnen en in welke kleur.
  • Volg zonderhandleiding op facebook.
  • Voor een extra winkans: Deel dit bericht openbaar op facebook.

 

Over 2 weken op 30 december wordt de winnaar bekend gemaakt op de facebookpagina van zonderhandleiding!

Review: Wasbare luiers

Review: Wasbare luiers

Één van die dingen waar veel (aanstaande) moeders, waaronder ik, zeggen nooit aan te zullen beginnen is wasbare luiers. Veel moeders hebben nog het beeld in hun hoofd van hun moeders of oma’s die poep uit doeken stonden te spoelen en aan het klungelen waren met veiligheidsspelden. Iets waar ze zelf met hun drukke leven nou niet echt op zitten te wachten.

wasbare-luiers

Toch lijken de wasbare luiers de laatste tijd weer heel erg in opkomst, steeds meer gemeentes (vooralsnog vooral in Belgie) geven subsidie op wasbare luiers en op steeds meer plekken is de wasbare luier te koop. Op facebook zijn er grote communities van mensen die onderling ervaringen over wasbare luiers uitwisselen en als je je er in verdiept merk je ook dat er een hoop verandert is sinds de tijd van je oma.

 

Voordelen:

Het bespaart geld:

Gemiddeld kost een kind van geboorte tot aan zindelijkheid ongeveer €1800 aan luiers. Bij twee kinderen zit je dan dus al op €3600.

Gemiddeld genomen kost een kind met wasbare luiers tot aan de zindelijkheid €1000. En bij een volgend kind hoef je alleen nog maar de waskosten en de inlegvellen (daarover zometeen meer) te kopen dus bij twee kinderen zit je dan rond de €1300 totaal.

Dat scheelt dus €2300, daar kun je toch een hoop leuks mee doen.

 

Het is beter voor het milieu:

Als moeder weet je zelf natuurlijk het beste hoe vaak je met een volle zak luiers naar de container moet lopen. Maar als je al die luiers bij elkaar op een berg zou gooien dan zou je er waarschijnlijk behoorlijk van schrikken. Alleen al in de gemeente Utrecht wordt elk jaar bijna 10.000 kilo aan luiers weggegooid. Wasbare luiers zijn natuurlijk ook niet energieneutraal omdat je veel water gebruikt voor het wassen, maar dit is niet te vergelijken met de ecologische voetafdruk van wegwerpluiers.

 

Je kind is eerder zindelijk:

De wegwerpluiers van tegenwoordig zijn zo goed dat al terwijl je kindje plast de urine wordt opgenomen. Je kind voelt dus niet dat het plast en dat vertraagt de zindelijkheid. Steeds meer kinderen in Nederland zijn op hun vierde nog niet volledig zindelijk en komen daardoor in de problemen met de schoolgang. Wasbare luiers nemen de urine minder snel op waardoor je kindje voelt wanneer hij of zij plast en is zich daardoor meer bewust van de eigen lichaamsfuncties.

 

20160621_173301         

 

Wasbare luiers zijn mooi:

Eerlijk is eerlijk, wasbare luiers zijn gewoon mooi. Tegenwoordig zijn er ontzettend veel verschillende kleuren en dessigns. Ok, dit is vooral een voordeel in de zomer maar zeg nou zelf. Zo’n kontje met piraatjes erop staat toch een stuk leuker dan zo’n witte saaie wegwerpluier?

 

 

Nadelen:

Het kost tijd:

Ja dat klopt, maar het kost minder tijd dan je waarschijnlijk zou verwachten. Net als met wegwerpluiers gooi je de luier na gebruik gewoon in een luieremmer met een speciale luierzak. Als het tijd is om te wassen kan de zak met luiers en al de wasmachine in. Even voorspoelen en dan gewoon wassen. Na het wassen hang je de luiers op en droog zijn ze weer klaar voor gebruik.

Overigens kost elke keer naar de winkel lopen om luiers te kopen en elke keer op en neer naar de container ook tijd. Dus al met al scheelt het niet zoveel.

 

Het is vies:

Ook dat valt reuze mee. Tegenwoordig zijn er ontzettend handige inlegvellen die je in de luier legt. Deze spoel je met poep en al zo door de wc. En in de meeste gevallen komt de luier dan niet eens in aanraking met de poep. Natuurlijk is het met borstvoedingspoep of als je kindje tanden krijgt niet altijd 100% op te vangen met een inlegvel. Maar goed als je kindje diarree heeft en doorgelekt is in z’n romper, dan maak je dat toch ook gewoon schoon?

 

Er zijn zoveel soorten, ik zie door de bomen het bos niet meer:

Er zijn inderdaad veel soorten wasbare luiers maar grofweg zijn ze in te delen in 3 categorieen. Je hebt de all-in-one luiers, die eigenlijk net zo werken als wegwerpluiers. Alles zit in 1 luier. Je hebt de pocketluiers, waarbij je extra absorberende boosters in een vakje in de luier kan schuiven en je hebt de tweedelige systemen waarbij je een absorberend onderbroekje en een waterdicht overbroekje hebt. Tegenwoordig zijn er veel winkels en webshops die consulten geven en die testpakketten of huurpakketten aanbieden. Ik was zelf erg blij met de fijne uitleg van de billenboetiek, dit is een webwinkel die gevestigd is in Utrecht.

 

Als je ook graag wasbare luiers wil uitproberen maar niet meteen een hoop geld wil uitgeven aan een volledig startpakket dan kun je eens beginnen met wasbare zwemluiers. Deze zijn helemaal niet duur en met een keer of 10 zwemmen heb je de kosten er al uit. Wegwerpzwemluiers zijn namelijk schreeuwend duur.

Zou jij ooit wasbare luiers willen proberen? Wat zijn de overwegingen om het wel of niet te doen?

Vraagbaak: Driftbuien

Vraagbaak: Driftbuien

Mijn dochter van net 2 heeft de laatste tijd bijna elke dag wel meerdere driftbuien. Ze lijkt dan uit het niets ineens enorm boos te worden, ze gaat dan gillen, stampvoeten, huilen en laatst gooide ze zelfs al haar speelgoed op de grond. Boos worden hielp niet en toen ik haar wilde knuffelen leek ze alleen maar nog bozer te worden. Uiteindelijk heb ik haar op de gang gezet zodat ze geen spullen meer kon gooien, maar dat voelde ook niet goed. Hoe kan ik mijn dochter helpen?

 

Tussen de 1,5 en 3,5 jaar oud gaan kinderen hun eigen ik ontwikkelen. Daarvoor zijn ze nog bijna volledig verbonden met de verzorgende volwassene. Het ontwikkelen van hun eigen ik gaat gepaard met ontdekken van de eigen behoeftes en verlangens die ook direct vervuld moeten worden. Als kinderen nog heel klein zijn en er is een behoefte aan bijvoorbeeld melk of een schone luier dan gaat een kind huilen en wordt er aan de behoefte voldaan. Naarmate kinderen ouder worden worden de behoeftes uitgesprokener en complexer, maar kinderen hebben vaak nog niet de verbale middelen om deze over te brengen. Daarnaast zijn kinderen op deze leeftijd ook nog niet in staat om hun behoeftes uit te stellen. Het tijdsbesef is nog zeer beperkt en een: ‘nu even niet’ staat voor een dreumes gelijk aan: ‘nee’. De frustratie die dit oplevert wordt geuit door middel van een driftbui. Dit gebeurt in alle landen en alle culturen en levert bij veel ouders stress op. Niet voor niets worden deze jaren omschreven als ‘the terrible two’s’ en ‘de peuterpuberteit’.

Omdat dit een heel gezond en essentieel onderdeel is van de ontwikkeling werkt straffen niet. Deze driftbuien zijn het beginstadium van het verwoorden van de eigen behoeftes en meningen. Iets wat in onze samenleving van cruciaal belang is. Wel moeten kinderen geholpen worden met het uitten van deze behoeftes en de frustraties als iets niet (meteen) kan.

 

Accepteren:

Een driftbui ziet er heel naar uit. Je kind lijkt volledig de controle kwijt over zichzelf en de situatie en dit kan soms best even duren. Besef je dat dit onderdeel is van het leerproces en dat frustratie een natuurlijk onderdeel is van het leven. Als je toegeeft aan datgene waar de driftbui door ontstond leer je je kind eigenlijk dat je met een heftige reactie toch je zin krijgt en leert je kind niet omgaan met frustraties wat op latere leeftijd voor flinke problemen kan zorgen.

 

Ondersteunen:

Ondersteun je kind door tijdens een driftbui nabij te blijven en hulp te bieden. Bijvoorbeeld door te zeggen: ‘Je bent heel erg verdrietig dat je niet met de stiften op de muur mag kleuren.’ Door de concrete emotie en situatie te benoemen help je je kind om dit zelf ook te gaan doen. Kinderen leren op deze manier emoties herkennen en leren dat emoties er mogen zijn. Laat je kind zelf aangeven of ze wel of niet geknuffeld wil worden. Vaak moeten de emoties er gewoon uit en als je dan gaat troosten door te knuffelen worden kinderen alleen maar gefrustreerder.

 

Sturen:

In sommige gevallen kan het nodig zijn om de situatie te sturen. Bijvoorbeeld als een kind blijft hangen in een driftbui of als een kind dingen kapot dreigt te maken of zichzelf pijn kan doen.  Benoem dan duidelijk waarom je ingrijpt: ‘Ik snap dat je boos bent, maar als je met je hoofd tegen de muur bonkt dan doe je jezelf pijn en dat laat ik niet toe.’ Zo erken je het gevoel van je kind maar laat je ook zien dat jij degene bent die ingrijpt als het te ver gaat.

 

Troosten en verdergaan:

Na een driftbui is het goed om weer even lichamelijk contact te hebben. Een knuffel zorgt ervoor dat een kind zich na een heftige uitbarsting weer veilig en geborgen voelt en als ouder laat je zien dat je er voor je kind bent, ook in moeilijke tijden. Zorg ervoor dat je daarna verder gaat met een andere activiteit maar hou hierbij je kind goed in de gaten. Driftbuien zijn enorm vermoeiend en afhankelijk van je kind kan het nodig zijn om even een rustmoment in te bouwen.

 

Herken je de driftbuien bij je eigen kind? Hoe ga jij ermee om?

Mijn top 5 peuterboeken!

Mijn top 5 peuterboeken!

Nu er weer volop periodes aankomen met cadeautjes vind ik het zelf altijd heel leuk om een boek cadeau te doen. Buiten dat voorlezen heel goed is voor de taalontwikkeling is het natuurlijk ook gewoon heel erg leuk om te doen!

Boeken over Sinterklaas en de Kerstman zijn er volop, maar ik vind het dan jammer dat die eigenlijk maar een korte periode te lezen zijn. Daarom in mijn top 5 alleen boeken die je het hele jaar kan lezen met je kleintje!

 

  1. Boze Draak

boze-draak

In dit boekje word een klein jongetje zo boos dat hij in een draak verandert. De emotie boos komt in dit boek mooi naar voren zonder veroordelend te worden. Ook het hele proces van boos worden (eerst mokken, dan steeds bozer, dan verdrietig en dan weer knuffelen) komt aan bod.                       De tekeningen zijn erg sprekend en Max vind ze helemaal geweldig. Steeds vaker kiest hij dit boek uit om voor te lezen, vooral geschikt vanaf 1,5 a 2 jaar.

 

  1. Dierenliedjes met cd

dierenliedjes

Dit boek kreeg Max vorig jaar met Kerst.  Hij is echt verzot op dit boekje. Hij noemt het zijn lalaboek en sleept het overal mee naar toe. Alle volwassenen die hij op zo’n moment in het oog krijgt worden met een dwingend: zitten, naar een bank of stoel gedirigeerd om vervolgens een blije Max met lalaboek op schoot te krijgen. Alle klassiekers zoals: ‘ik zag 2 beren broodjes smeren’, ‘schaapje schaapje heb je witte wol’ en ‘boer wat zeg je van mijn kippen’ staan er in. Met op elke bladzijde een liedje met duidelijke tekening kunnen iets oudere kindjes zelf uitkiezen welk liedje ze willen zingen. En voor als je zelf uitgezongen bent zit er een cd bij!

 

 

  1. Het liefste kindje van de wereld dat ben jij

liefste-kindje

Dit boek krijgt Max dit jaar van de Sint. De korte, lieve verhaaltjes staan op rijm en houden daardoor de aandacht van je kleintje goed vast. De situaties zijn herkenbaar en door het stukje herhaling in de verhalen zal je kindje al snel ‘mee willen lezen’.  De tekeningen zijn vrolijk gekleurd en passen bij de belevingswereld van je dreumes. Ook het spiegeltje achterin zorgt voor veel plezier.

 

  1. Kikker is Kikker

Kikker is kikker_oms restyle.indd

Wij hebben het grote voorleesboek van Kikker en daarin staat het verhaal Kikker is Kikker. Een verhaaltje over zelfvertrouwen en zijn wie je bent. Kikker wil graag de dingen kunnen die zijn vriendjes ook kunnen en vergeet dat hij sommige dingen zelf als allerbeste kan.  Misschien voor de allerkleinsten nog net iets te ingewikkeld maar dit is een boekje wat zeker een aantal jaar leuk blijft.

 

  1. De Koning

de-koning

De koning is in mijn ogen echt één van de klassiekers van Dick Bruna. Met de sprekende tekeningen in primaire kleuren en het verhaal dat op rijm staat is het al vanaf heel jong leuk. De koning gaat over een jongetje dat niet mag trouwen met het meisje dat hij lief vind omdat zij geen kroontje heeft. Max is vooral gek op de dunne groene dametjes die steeds nee nee zeggen. Al vanaf zijn eerste verjaardag koos hij dit boekje keer op keer uit, eerst door te wijzen en later door heel hard nee, nee te roepen.

 

Welke boeken worden bij jullie het vaakst uit de kast gepakt? Welk boek zou ik eventueel nog toe moeten voegen aan mijn verlanglijstje voor Sinterklaas en Kerstmis?

Vol verwachting klopt ons hart!

Vol verwachting klopt ons hart!

De donkere dagen komen er weer aan en daarmee ook Sinterklaas. Voor veel kinderen in Nederland de leukste tijd van het jaar. Toch zijn er ook kinderen bij wie rond deze dagen hun hart sneller klopt om een hele andere reden, angst.

sint

Voor angstige kinderen is de Sinterklaastijd vaak een periode waarin veel angsten opspelen, die in de zomer minder aanwezig waren.

Drie veel voorkomende angsten in deze periode zijn:

  • Angst voor het donker: ‘Maar als er iemand onder het bed zit kan ik dat nu niet zien’
  • Angst om te falen: ‘Ben ik wel lief genoeg geweest om cadeautjes te krijgen?’
  • Angst voor inbrekers: ‘Als zwarte piet zomaar binnen kan komen om mijn schoen te vullen dan kunnen er ook zomaar andere mensen binnen komen.’

Voor ouders kan dit behoorlijk lastig en frustrerend zijn. De Sinterklaastijd hoort immers een leuke periode te zijn en vaak leek het zelfs alsof je kind in de zomer over zijn of haar angsten was heen gegroeid.

Vaak zie je dat deze angsten vooral opspelen als je kind in bed ligt. Naast dat dit vaak het enige moment op een dag is dat een kind alleen is en dat het donker is, is dit ook het moment waarop de gedachten van je kind de ruimte krijgen. Overdag zijn kinderen veelal te druk met spelen om na te denken over de dingen waar ze bang voor zijn maar zodra ze in hun bed liggen komen de angsten naar boven.

Toch zijn er een hoop dingen die je als ouder kan doen om je kind te helpen met zijn of haar angsten om te gaan.

5 tips om je kind te helpen:

  1. Geef rationele verklaringen op het niveau van je kind om uit te leggen hoe dingen in elkaar zitten. ‘Papa en mama blijven op tot Sinterklaas geweest is om hem binnen te laten, niemand kan zomaar ons huis binnen komen.’
  2. Benoem de mooie, vriendelijke en behulpzame dingen die je kind de afgelopen periode heeft gedaan, geef veel complimenten en benoem dat Sinterklaas deze dingen ook gezien heeft en waardeert.
  3. Dwing kinderen nooit om tegen hun wil een liedje te zingen voor Sinterklaas of om bij Sinterklaas op schoot te gaan zitten, dit vergroot de angst.
  4. Laat de periode rondom Sinterklaas een extra nachtlampje branden, je zult zien dat als de spannende periode voorbij is de angsten weer afnemen.
  5. Help kinderen hun angsten te benoemen, de angst voor het onbekende is altijd groter dan iets wat je kunt benoemen.

 

Is jouw kind wel eens bang geweest voor Sinterklaas of zwarte piet? Hoe heb jij je kind geholpen?

Het kiezen van een geschikte school

Het kiezen van een geschikte school

Wanneer deze blog online komt zijn wij op de kennismakingsochtend van de basisschool waar Max over 2,5 jaar mogelijk naar toe zal gaan. Nu al, want in Utrecht moet je je kind al zo jong inschrijven omdat veel scholen snel volzitten.

In nog geen 1,5 jaar is onze gup veranderd van een randprematuurtje van nog geen 2,5 kilo met sondevoeding op de neonatologie tot een vrolijke, actieve, eigenwijze, volop kletsende dreumes. Hoe hij de komende 2,5 jaar gaat veranderen is uiteraard niet te voorspellen, dus hoe kies je dan een school die bij hem gaat passen? Hoe weeg je de voor en nadelen van elke school af terwijl je nog niet zeker weet of de voordelen wel echt voordelen zullen zijn?

Een moeilijke keuze omdat de feiten nog niet vast staan, maar wij zullen gaan kijken naar de volgende punten:

 

Schoolsysteem:

In onze buurt zijn 5 scholen waarvoor we Max zouden kunnen aanmelden. Er is een openbare school, een protestants-christelijke school, een montessorischool, een vrije school en een democratische school. Wij vinden het belangrijk dat een schoolsysteem past bij onze manier van opvoeden, dus rekening houden met de behoefte van een kind en aansluiten bij de interesses en initiatieven van een kind. Waar straffen en belonen niet op de voorgrond staat en je waarde in de klas niet afgelezen wordt aan het cijfer wat je gehaald hebt op je laatste rekenproefwerk. Daarnaast vinden wij het belangrijk dat er voldoende aandacht is voor creatieve vakken zoals kunst en muziek.

 

Schoolgrootte:

Wij kiezen het liefst voor een school die niet al te groot is. Dat je door de gang kan lopen en je niet af hoeft te vragen wie al die mensen zijn. Het lijkt me, zeker voor jonge kinderen, erg overweldigend als je in zo’n enorme school zou moeten rondlopen. Wel vinden we het handig dat er van alle klassen twee zijn, mocht er sprake zijn van pesten of een conflict met een docent dan zijn er dan binnen de school nog mogelijkheden om dit op te lossen.

 

Klasgrootte:

Het liefst kiezen we voor een school waarbij de klassen niet al te groot zijn en er dus aandacht is voor alle individuele kinderen. Waarbij de leerkrachten niet pas na een maand de namen van elk kind in de klas kennen.

 

Diversiteit:

Zijn alle kinderen welkom op deze school, bijvoorbeeld kinderen met een lichamelijke beperking of met het syndroom van Down? Is er voldoende diversiteit tussen verschillende culturen? Zijn de verschillende lagen van de bevolking vertegenwoordigd?

 

Differentiatie:

Ook de mate waarin er binnen de school gedifferentieerd wordt is voor ons belangrijk. Nu is er nog weinig te zeggen over hoe Max het straks op school gaat doen, maar we willen voor een school kiezen waar voldoende ruimte is voor zowel kinderen die moeilijk meekomen als kinderen die extra verrijkking nodig hebben. In principe kiezen we deze school voor Max voor 8 jaar en of hij nou een snelle leerling blijkt of één die meer begeleiding nodig heeft, we willen graag dat hij zich op de gekozen school thuis voelt.


Afstand:

Van de vijf mogelijke scholen zijn er drie op loopafstand en twee op 15 minuten fietsen. Dit speelt toch ook mee bij onze keuze. Bij twee van de scholen zou Max geen enkele weg met auto’s over hoeven te steken, en deze scholen hebben daardoor een streepje voor.

 

Sfeer:

Waar alle andere punten nog wel redelijk uit de website van een school te halen zijn, is sfeer iets waarvoor je echt tijdens een schooldag op een school moet gaan kijken. Ervaren hoe de leerkrachten contact maken met de kinderen, hoe druk het in de gang is, of kinderen blij zijn om op school te zijn, dat kun je alleen maar zien door naar zo’n kennismakingsochtend te gaan. Gelukkig is deze ochtend voor de meeste scholen een vereiste om je aan te melden.

 

 

Op ons lijstje met voor en tegens per school komt er niet één duidelijke winnaar uit de bus. Elke school heeft voors en tegens. De sfeer zal dus uiteindelijk de doorslag gaan geven. Ik ben in ieder geval erg benieuwd hoe zo’n eerste kennismakingsochtend ons gaat bevallen!

 

 

Wat hebben jullie mee laten wegen in jullie beslissing? Hebben jullie nog goede tips voor we ons definitieve besluit moeten nemen?

Forest school

Forest school

img-20161103-wa0005Via een andere moeder kwam ik pasgeleden in aanraking met de term forest school. Mijn eerste reactie was: School? Maar hij is 1,5 en hij moet al zoveel! Maar naar mate ik er meer over las en meer informatie kreeg bleek het toch anders te zijn dan de term school doet vermoeden.

 

Forest school is in Nederland nog een vrij nieuw begrip maar bestaat in andere landen al veel langer. Het concept komt oorspronkelijk uit Wisconsin, waar het in de jaren 20 werd ontwikkeld en in de jaren 50 kwam het via Zweden en Denemarken Europa binnen.

 

In Nederland staat het dus echt nog in de kinderschoenen maar de organisatie forestschoolforall probeert daar verandering in te brengen met informatie en begeleiding voor mensen die een nieuwe groep op willen zetten.

 

Forest school is een manier voor ouders en kinderen om in contact te komen met andere ouders en kinderen in de natuur en met de natuur. Het doel is niet om een flinke boswandeling te maken maar juist om de kinderen te volgen in hun behoeften. De kinderen beslissen wat ze willen zien, doen en ontdekken en de ouders volgen daarin. Vies worden mag en onderzoeken wordt gestimuleerd. Kinderen leren spelenderwijs over het weer, de natuur, de seizoenen, samen spelen, klimmen en klauteren, het verschil tussen de harde takken en het zachte gras en nog veel meer. Forest school gaat altijd door tenzij het gevaarlijk is door onweer of harde windstoten. Sneeuw en regen zijn geen redenen om af te zeggen, maar juist extra dingen om te ontdekken!

20161103_132858

Vorige week ben ik voor het eerst met Max geweest. Ondanks dat het geregend had en best fris was heeft hij zich uitstekend geamuseerd. Met zijn veel te grote regenbroek en regenlaarsjes heeft hij vrolijk door het ondiepe slootje gebanjerd en ook alle stokken die hij kon vinden vond hij geweldig. We hebben samen naar de gekleurde herfstbladeren gekeken en zijn tegen een heuvel aangeklommen. Daarna hebben we aan een picknicktafel boterhammen en appels gegeten en op de terugweg is Max in de auto als een blok in slaap gevallen. Voor ons was het een groot succes en wij gaan zeker vaker!

20161103_120445

In Nederland zijn om het moment 2 groepen voor forest school explorers. Dit zijn groepen voor kinderen van 0 tot 4 jaar, de bijeenkomsten zijn vrijblijvend, kosteloos en het hele gezin is welkom. Buiten het meenemen van schone/droge kleren en wat te eten en drinken zijn er geen vereisten. Lijkt dit je leuk en kom je uit de regio Twente of Utrecht neem dan eens een kijkje op de facebookpagina’s van deze groepen.

Vraagbaak: Help mijn kind kan niet alleen spelen!

Vraagbaak: Help mijn kind kan niet alleen spelen!

Mijn zoon van bijna 2 kan zichzelf absoluut niet alleen vermaken. Thuis heeft hij mij als moeder constant nodig om hem bezig te houden. De meeste activiteiten interesseren hem slechts kort en hij heeft mij dan nodig om weer iets nieuws te verzinnen. Op het kinderdagverblijf lijkt het beter te gaan. Op de dagen dat ik thuis ben moet ik ook het huishouden doen en het lijkt me zo fijn als hij zich dan even zelf kan vermaken zodat ik kan poetsen en dat we dan daarna samen wat kunnen gaan doen. Heb jij tips hoe ik hem kan leren zelf te spelen?

Veel kinderen hebben moeite met alleen spelen, omdat dit niet iets is wat vanuit de evolutie gezien bij ons als mens past. Mensen functioneren het beste in groepen. In een groep heeft de mens de grootste kans om te overleven en zeker kleine kinderen hebben anderen nodig om in leven te blijven. Dat we graag willen dat kinderen al op jonge leeftijd leren om alleen te spelen is echt iets van onze westerse cultuur en van de laatste paar decennia.

Toch is het als voorbereiding op onze maatschappij en ons schoolsysteem in combinatie met ons eigen drukke leven niet verkeerd als je kind deze vaardigheid aanleert.

Een aantal tips om je kindje zelf te leren spelen en ook om zelf meer aan je huishouden toe te komen:

 

  • Laat je kind meehelpen met de huishoudelijke activiteiten, geef je kind een poetsdoekje, een kleine swiffer of laat hem of haar meehelpen met bijvoorbeeld het wassen van de aardappels. Een learning tower kan hierbij enorm helpen. Je kind doet op deze manier zelf iets, maar heeft een voorbeeld om af en toe naar te kijken en je bent dichtbij genoeg om veiligheid aan je kindje te bieden.

20161020_075620

Of bijvoorbeeld de schroefjes alvast in de gaatjes stoppen als papa en mama een kast in elkaar zetten.

 

  • Zorg dat het speelgoed van je kindje vrij toegankelijk is. Als je kind zelf zijn speelgoed kan pakken kan hij of zij ook beter aangeven waar op dat moment de interesse naar uitgaat. Goed, het is vaak ’s avonds net iets meer opruimwerk maar vaak vinden kinderen het ook heel leuk om hierbij mee te helpen en alles terug in de bak te gooien.

zelf-speelgoed-pakken
 

 

  • Te veel speelgoed zorgt voor overprikkeling en dat kinderen meestal niet meer weten wat ze moeten doen. Sorteer speelgoed in bakken en rouleer regelmatig, zo blijft speelgoed uitdagend en voorkom je overprikkeling.

 

  • Kies voor open ended speelgoed. Dit is speelgoed waar geen specifieke gebruiksaanwijzing bij zit. Het heeft geen doel zoals bijvoorbeeld een puzzel. Open ended speelgoed is op veel verschillende manieren te gebruiken en prikkelt de creativiteit van je kind. Op google en pinterest kun je veel voorbeelden vinden.

 

  • Start samen op. Ga naast je kind zitten met een bepaalde activiteit en help je kind de eerste 5 minuten op weg. Begin bijvoorbeeld samen met het bouwen van een toren en na 5 minuutjes benoem je dat je even de afwasmachine uit gaat ruimen en dat je daarna weer komt kijken naar de toren.

 

  • Blijf zoveel mogelijk in dezelfde ruimte. Op het moment dat je de kamer uitloopt en je kind je niet meer kan zien of horen raakt hij afgeleid van zijn spel en zal hij naar je opzoek gaan. Als je kind je nog kan zien en horen is de veiligheid groter en zal je kindje makkelijker gaan spelen.

 

  • Plan genoeg samenspeel momenten in. Dus momenten waarop je echt met je kind gaat zitten en gaat spelen. Zonder telefoon, zonder afleiding maar 100% spelen met je kind. Binnen of buiten maakt niet uit, als je er maar bent. Hiermee bevestig je aan je kind dat er momenten zijn van samenspelen en momenten zijn van alleen spelen. Samenspelen leert je kind over de verschillende mogelijkheden van speelgoed, helpt je kind om nieuwe vaardigheden aan te leren en bevestigt zijn behoefte aan contact.

 

 

 

Heb je zelf een vraag voor de vraagbaak? Stel deze dan in de comments of stuur een mailtje naar: info@rubypothoven.nl met als onderwerp: vraagbaak.

Hoogbegaafd!?

Hoogbegaafd!?

Wist je dat ongeveer 2% van onze bevolking valt onder het kopje hoogbegaafd? Maar dat op informatieochtenden voor de aanmelding op de basisschool ruim 30% van de ouders vraagt of er voldoende extra begeleiding is voor kinderen die hoogbegaafd zijn.

Het lijkt er dus op dat 30% van de ouders vermoedt dat hun kind wel eens hoogbegaafd zou kunnen zijn. Waar zou dat verschil vandaan komen met de werkelijke 2%?

Officieel spreek je van hoogbegaafd als een persoon in een goedgekeurde intelligentie test boven de 130 scoort. Maar steeds vaker wordt ook gebruik gemaakt van het model van Monks waarbij niet alleen gekeken wordt naar de intelligentietest maar ook naar creativiteit en motivatie en waarbij er ook wordt gekeken naar invloeden van gezin, vrienden en school.

monks

Mede door de manier waarop ons schoolsysteem al op jonge leeftijd CITO toetsen introduceert wordt er steeds meer nadruk gelegd op de intelligentie van kinderen en lijkt dit ook bij ouders steeds meer druk te leggen om een ‘slim’ kind te hebben. De speelgoedwinkels liggen vol met educatief speelgoed en de smartgames voor slimme kinderen vliegen de winkels uit.

Toch komt bij mij dan elke keer de vraag wat dit doet met kinderen die niet aan deze steeds hogere verwachtingen kunnen voldoen. In de praktijk zie ik steeds meer kinderen die vastlopen omdat ze zich te veel spiegelen aan oudere broertjes en zusjes, door faalangst of door een negatief zelfbeeld.

einstein

Einstein zei ooit dat als we een vis zouden beoordelen op zijn vermogen om in bomen te klimmen dat de vis zijn hele leven zal denken dat hij dom is. Zouden we onze kinderen niet veel meer steunen door te kijken naar het meervoudige intelligentie model van Gardner? Howard Gardner is een Amerikaanse psycholoog die zich verdiept heeft in begaafdheden bij kinderen. Hij kwam tot de conclusie dat er naast de begaafheden die standaard getest worden op onze scholen en bij IQ testen er nog meer vormen van begaafheden bestaan waar kinderen in kunnen uitblinken.

 

Gardner omschrijft 7 verschillende vormen van intelligentie:

Verbaal linguïstische intelligentie: Alles wat te maken heeft met woorden en begrippen, bijvoorbeeld lezen en schrijven. Maar ook mensen die improvisatie doen, zoals de lama’s een aantal jaar geleden, hebben een hoge verbaal linguistische intelligentie.

Logisch mathematische intelligentie: Alles wat te maken heeft met systemen, wiskundige problemen en logisch redeneren. Een voorbeeld van iemand die hierin uitblinkt is Bill Gates

Visueel ruimtelijke intelligentie: Alles wat te maken heeft met beelden en plaatjes, bijvoorbeeld kaarlezen of een verhuiswagen zo efficient mogelijk indelen. De tekenaar Esher is een goed voorbeeld van iemand met een hoge visueel ruimtelijke intelligentie.

Muzikaal ritmische intelligentie: Alles wat te maken heeft met ritme en melodie. Componeren, een muziekinstrument leren spelen en ritmegevoel vallen onder deze vorm van intelligentie. Mozart en Bach waren mooie voorbeelden van mensen die uitblonken op dit gebied.

Lichamelijk kinestetische intelligentie: Alles wat te maken heeft met de motoriek. Alle vormen van sport en beweging horen hierbij, denk bijvoorbeeld aan Johan Cruijf.

Naturalistische intelligentie: Alles wat te maken heeft met de natuur, alles wat groeit en bloeit. Martin Gaus en Cesar Millan zijn mensen die bekend zijn geworden door hun Naturalistische intelligentie.

Interpersoonlijke intelligentie: alles wat te maken heeft met sociale vaardigheden. Een relatie aangaan met andere mensen; het gedrag, de gevoelens en de motieven van anderen proberen te begrijpen. De documentairemaker Louis Theroux maakt hier in zijn doumentaires goed gebruik van.

Intrapersoonlijke intelligentie: alles wat te maken heeft met zelfkennis. Deze mensen zijn vaak sterk op zichzelf betrokken, denk hierbij bijvoorbeeld aan Carl Jung.

 

Als je kind inderdaad uitblinkt op de bovenste drie vormen van intelligentie, de vormen die getest worden binnen de IQ testen en binnen onze scholen dan is het goed mogelijk dat je kind hoort bij de 2% die hoogbegaafd worden genoemd. Het is dan van belang dat de school ook meekijkt naar mogelijkheden voor je kind om extra uitdaging te krijgen.

Maar eigenlijk zou dit ook moeten gelden voor de kinderen die uitblinken op één of meerdere van de andere vormen van intelligentie. Stimuleer je kind daar waar nodig en biedt uitdaging op de vlakken waar dat mogelijk is. Staar je niet blind op schoolcijfers en CITO toetsen want uiteindelijk is het de bedoeling dat je kind gelukkig is en om weer even terug te komen op Einstein: dat doe je niet door met je vis te blijven oefenen met boomklimmen!

Welke vormen van intelligentie herkennen jullie bij je kinderen? En bij jezelf? Ik ben erg benieuwd hoe jullie deze talenten van je eigen kind koesteren!

5 irritante vragen in de eerste jaren

5 irritante vragen in de eerste jaren

Iedereen kent ze wel, die vragen. Van de meest vreemde mensen vaak ook. Mensen die je amper kent of mensen die juist het antwoord op deze vragen juist al lang kennen. Vragen waar vaak een afkeurende of suggestieve ondertoon onderzit en waar de nekharen van iedere moeder van overeind gaan staan. In deze blog heb ik de meeste irritante vragen op een rijtje gezet met een gepast antwoord!

foto-vragen

  1. Krijgt hij nou nog steeds borstvoeding?

Deze vraag snap ik niet. Vaak wordt dit gevraagd wanneer je je kindje aan de borst legt, dus het antwoord lijkt me niet heel ingewikkeld. Waarom is het in Nederland blijkbaar normaal om vanaf een maand of 6 (ik kreeg de vraag in ieder geval vanaf het moment dat Max 6 maanden oud was) over te stappen op flesvoeding. Borstvoeding is een hele persoonlijke keuze, één waar de omgeving eigenlijk helemaal niets mee te maken heeft.

Antwoord: Tja, we hebben bier geprobeerd maar dat lust hij nog niet, dus voorlopig zitten we hier helaas aan vast.

 

  1. Loopt ze nou nog niet los?

Nog zo’n vraag waar ik niets van begrijp. Kinderen doen dingen op hun eigen tempo. Uit onderzoek is gebleken dat het moment waarop een kind los gaat lopen, compleet los staat van de cognitieve ontwikkeling van een kind. Dat je kind met 11 maanden los loopt zegt dus niets over of hij of zij straks met 9’s het VWO afrond. Verder heb je als ouder ook geen invloed op dit proces. Loopstoeltjes en dergelijken blijken deze ontwikkeling alleen maar tegen te houden en een verkeerde looptechniek aan te leren.

Antwoord: Nee, gelukkig niet zeg. We binden haar overdag vast zodat ze het ook niet kan oefenen. Lijkt me veel te veel werk als ik daar straks achteraan moet gaan lopen vangen.

 

  1. Zijn jullie nog niet gestart met zindelijkheidstraining?

Waarom vragen mensen dit? We vragen toch ook niet naar hun wc gewoonten? Daarnaast is zindelijkheidstraining iets wat nou eenmaal het beste werkt als je er mee begint zodra je kindje er aan toe is. Niet forceren dus.

Antwoord 1: Nou we zijn gestart, kijk maar! Op deze foto zie je zijn eerste poep op het potje. Knap he, jaaa je kunt zien dat we doperwtjes hebben gegeten.

Antwoord 2: Nee, wij zijn aanhangers van de anti-zindelijkheidsgroep. Wij geloven dat je kinderen het best zo lang mogelijk een luier aan kunt trekken. Minimaal tot ze 16 zijn. Het afscheid nemen van je eigen uitwerpselen kan tot die leeftijd erg traumatisch zijn hoor. Zal ik je een foldertje meegeven?

 

 

  1. En slaapt hij al door?

Ahh de doorslaapvraag. Als ik toch eens een euro had gekregen voor elke keer dat mensen dat aan mij vroegen…. Dan kon ik nu lekker op vakantie met ingehuurde oppas om eindelijk bij te slapen. (Want nee hij slaapt nog steeds niet door.) Het lijkt alsof doorslapen het punt is geworden waaraan je kunt aflezen of iemand een goede ouder is of niet. Feit blijft dat je als ouder vrij weinig invloed hebt op het wel of niet doorslapen van je kind. Uiteindelijk komt er een dag dat ze doorslapen (echt waar…. hoop ik.)

Antwoord: Goh ik dacht dat iedereen tegenwoordig wel op de hoogte was. Je loopt wel heel erg achter hoor. Doorslapen is helemaal niet goed voor zo’n kleintje. Glucosewaardes, hersenontwikkeling, biologisch ritme, maar goed daar zal ik je allemaal maar niet mee lastig vallen.

 

  1. Wanneer komt de tweede?

Vanaf het moment dat Max 1 werd krijgen wij deze vrolijke vraag zeer regelmatig. Ten eerste gaat het mensen helemaal niets aan of en wanneer wij voor een tweede kindje. En ten tweede denken deze mensen nou echt dat ik ineens ga zeggen: ja, we wilden het eigenlijk nog even geheim houden. Maar ja omdat je er naar vraagt: We verwachten een zoontje rond april 2019?

Antwoord: Hoe bedoel je? Zeg je nou dat ik dik ben? Ik ben helemaal niet zwanger. Ik ben echt nog nooit zo beledigd. (En dan boos weglopen)

 

Herkennen jullie deze vragen? En welke irritante vragen krijgen jullie wel eens? Wat is het beste antwoord wat je ooit hebt gegeven op zo’n irritante vraag?

Ik ben erg benieuwd!